IK HEB LEREN VLOEKEN

Moet je leren om te vloeken zul je denken? Nou, in mijn opinie niet. Ik heb het achtenvijftig jaar volgehouden zonder te vloeken. Maar soms ben je de wanhoop zo nabij dat je niet meer anders kunt. Dan is een vloek (of meerdere) het enige wat je nog over je lippen krijgt. Of je kunt gaan schreeuwen. En ja, dat heb ik ook gedaan.

Ongeveer een jaar geleden kregen we te horen dat we onze wei niet meer konden huren. Jaren werk en plezier zomaar aan de kant. Maar, we kregen de mogelijkheid om de wei te kopen. Voor een exorbitant hoge prijs. Meer dan het dubbele van de marktwaarde! Nou, dat hebben we maar niet gedaan.

Dus we moesten op zoek, naar een andere locatie. En binnen niet al te lange tijd hadden we die gevonden, gelukkig.

De deadline voor het verlaten van de oude wei was 31 december. De datum waarop we op de nieuwe wei aan de slag konden, was afhankelijk van het weer: de elementen. De boer die het weiland nog in gebruik had, moest nog eenmaal gras oogsten. Waarschijnlijk eind september had ie gezegd.

soms ben je de wanhoop nabij

Maar in september ging het regenen. Er kon dus geen gras gemaaid worden. Halverwege oktober werd het droog. Net lang genoeg om het gras te maaien, een dag of wat te laten drogen en op te halen. Dus de vierde week van oktober konden wij beginnen met onze nieuwe wei te  gaan inrichten. Een volledig kale wei, met alleen maar koeiengras.  

Twee maanden om twee afgescheiden weilanden te maken, en twee schuilmogelijkheden. Daarnaast stroom en water realiseren. Want zonder stroom blijven ze niet op hun twee hectare en zonder water kan geen mens of dier het lang volhouden.

Na die ene droge week in oktober ging het weer regenen. En het is bijna niet meer opgehouden tot half maart. Er kon geen tractor meer op het land, geen gemotoriseerd gereedschap viel te hanteren. Alles moest met de hand: 600 gaten boren en palen erin slaan, isolatoren draaien, draad spannen, stroom en water aanleggen. De eerste week van december de eerste kudde over, en de dag na kerst de tweede kudde. Heel hard gewerkt.. De deadline van 31 december hadden we gehaald.

Nou ja, gehaald. Alleen voor het overbrengen van de dieren. Alle andere spullen stonden nog aan de oude wei. Want ook daar kon geen tractor te werk gaan. En veel kon niet met de hand afgebroken of vervoerd worden. Dus wachten op een drogere tijd. Maar die kwam niet…

In de tussentijd moesten de paarden verzorgd en gevoerd worden. Maar twee kuddes op een natte wei in de kleigrond, tja… dat wordt blubber. Niet een beetje, maar heel veel modder. En water, tot aan de rand van m’n laarzen. En daar moet je dan doorheen, met emmers voer, kruiwagens hooi, tonnen met water. Want de paarden konden onder een afdak staan, binnen een omheining lopen. Maar dat was dan ook alles. Bestrating? Nog niet aan toegekomen. Een halve kruiwagen zand moest je met z’n tweeën verslepen.. Hooi opslag? Er kon geen tractor op, dus hooi ver van de stal opgeslagen.

Dat heeft gemaakt dat ik ben gaan vloeken.
Kruiwagens compleet vast in de modder, paarden tot aan hun knieën in de blub.
En dan krijg je storm: Ciara, Dennis, Ellen en nog meer. Het hield niet op.
Overal hooi, in je ogen, je kleren, zelfs tot in m’n bh.
Overal modder, minstens vier keer per dag omkleden. Iedere dag compleet schone kleren aan. De wasmachine heeft overuren gedraaid.
Meer dan een uur over een voerbeurt doen, terwijl dat anders binnen een half uur geregeld is.
En alles waaide natuurlijk weg, in de blubber, in de sloot (die inmiddels vol stond met water).

ik heb gejankt, geschreeuwd, gevloekt

En dan…. ben je gebroken. Ik ben in de modder gezakt, heb gejankt, geschreeuwd en GEVLOEKT.

Iets wat ik nog nooit had gedaan. Vloeken is voor watjes, voor mensen die niet bewust weten wat ze zeggen, die maar iets doen. Maar als je echt machteloos bent en de wanhoop nabij is, ga je vloeken, bewust. Want het is nog het enige wat je kunt.

Dit is niet om het goed te praten. Ik had het liever niet geleerd. Maar als je zo getart wordt door de elementen, dan voel je je machteloos.

En dan is het maart, het wordt droog. Blij, we kunnen weer aan de slag, met materieel. Niet alles hoeft meer met de hand. Dus binnen veertien dagen hebben we veel gedaan, is de oude wei leeg.

En dan is het half april, eind april. En het regent nog steeds niet. Ook nu gaan de elementen ons weer tarten. Het is te droog, er groeit te weinig gras. Echter water en een sproeier zorgen dat het niet te ernstig wordt. Hier wordt ik niet wanhopig van. Ik hoef nu niet te vloeken.

1 reactie op “IK HEB LEREN VLOEKEN”

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *